Diverse
Artikelen
INFID | TAPAK Ambon | AKUI
| PosKo Zwolle | Diverse Artikelen
Beste Mensen, Met vriendelijke groeten, Reza Muharam _________________________ Verklaring
AANVAL OP SOYA POGING OM PRILLE
VREDESINITATIEVEN IN MALUKU TE ONDERMIJNEN Op zondag
28 april werden de bewoners van het bergdorpje Soya, 15 km van Ambonstad,
aangevallen door gemaskerde, gewapende en goed getrainde mannen. In korte
tijd werden dood en verderf gezaaid, met als resultaat: 12 doden en ruim 20
gewonden. Het was de eerste keer sinds in februari dit jaar een vredespact
werd gesloten, dat er weer een directe massale aanval op een dorp plaatsvond.
Het is niet ondenkbaar dat het bloedbad in Soya de ‘kerusuhan’ - in de
volksmond ‘onlusten’ genoemd -
opnieuw doet opleven. MAREN (Maluku Reformasi Network), een Molukse beweging
in Nederland die hervormingsgezinde en democratische groeperingen in Maluku
actief ondersteunt, wil er met deze
verklaring op wijzen dat meerdere partijen voor de opleving van de
‘kerusuhan’ verantwoordelijk zijn. Tegelijkertijd roept het de internationale
gemeenschap en medefinancieringsorganisaties op stappen te ondernemen die het
opleven van de ‘kerusuhan’ kunnen tegenhouden. Vredesakkoord
van Malino
Lange
tijd lijkt er maar geen einde te komen aan het in januari 1999 begonnen
gewelddadige conflict in Maluku. Na een opleving van het geweld in Sulawesi
en een daarop volgend vredesakkoord voor Sulawesi rond de jaarwisseling, gaat
het tij ook voor Maluku keren. Onder regie van Yusuf Kalla, de coördinerend
minister van Sociale Zaken, komen op 12 februari 2002 in Malino, een
vakantieoord op het eiland Sulawesi, de strijdende partijen bij elkaar. In
een 11 punten omvattend vredesakkoord beloven leiders van beide
geloofsgemeenschappen, adatleiders en vertegenwoordigers van maatschappelijke
organisaties elkaar plechtig te stoppen met de vijandelijkheden. Eén van de
punten waarop een akkoord wordt gesloten, is een onderzoek naar de
achtergronden van het conflict. Beide gemeenschappen tonen zich tevreden en
verheugd over het bereikte akkoord. Ondanks kritische noten - een
implementatieplan en bijhorend tijdpad ontbreken, terwijl over de rol van het
leger wordt gezwegen - geven de meeste critici het vredesakkoord van Malino het voordeel van de twijfel. Het
volk in Maluku is moe en wenst geen andere agenda dan die van vrede en
verzoening. Nog voordat het resultaat bekend is, wijzen twee groeperingen een
vredesakkoord op voorhand af: de Laskar Jihad en de Front Kedaulatan Maluku
(FKM). Ze willen geen vrede en verzoening, maar geven er de voorkeur aan hun
eigen agenda te volgen. Laskar Jihad
De Laskar Jihad is een groep militante moslims, die behoort tot de
Wahhabi-beweging. Deze internationale beweging, door leden van de Saoed-dynastie
gefinancierd, stelt zich ten doel terug te keren naar de grondbeginselen van
de Islam. In Indonesië heeft deze beweging zich buiten de twee grootste
moslimorganisaties - Nathadul Ulama en Muhammadiyah - ontwikkeld tot de
Tarbiyah-beweging. Doel van de Tarbiyah-beweging is de vestiging van een
Islamitische staat Indonesia. In dit kader heeft ze onder meer religieuze
kadergemeenschappen onder de studenten van enkele gerenommeerde
universiteiten, zoals de ITB (Technische Universiteit Bandung), gevormd. De Laskar Jihad is een
gepolitiseerde, extremistische tak van de Tarbiyah-beweging. De
Tarbiyah-beweging onderhoudt innige banden met officieren uit het leger die
bekend staan als aanhangers van generaal Wiranto. Dankzij de steun van deze
legerfractie is de Laskar Jihad in 2000 met duizenden strijders richting
Ambon getrokken, ondanks het verbod van de toenmalige president Wahid. De
steun van het leger kan niet worden losgezien van het verzet van Wiranto
tegen Wahid’s beleid de dwi-fungsi van het leger te ontmantelen: geen
militairen in publieke functies, geen militairen in de financiële en
economische wereld, en geen vertegenwoordiging van militairen in het
parlement. De komst van de Laskar Jihad naar Ambon in 2000 heeft gezorgd voor
een opleving van het gewelddadige conflict, dat toen eigenlijk aan het
afnemen was. Front
Kedaulatan Maluku (FKM) De tweede groepering die zich
tegen het vredesakkoord van Malino verzet, is de Front Kedaulatan Maluku
(FKM). Deze organisatie streeft, met steun van RMS (Republik Maluku
Selatan)-groepen in Nederland, naar afscheiding van Maluku van de Republiek
Indonesië. De FKM bestaat voornamelijk uit christenen en wordt gesteund door
christelijke milities. Vrede en verzoening staan niet boven aan de agenda van
de FKM. ‘Vrede is goed, maar vrijheid
is beter’, zo verklaarde een woordvoerder van de Pemuda RMS, behorend tot
de FKM/RMS-stroming in Nederland, de keuze voor vrijheid boven vrede en
verzoening. Kringen van de FKM, vermoedelijk ondersteund door provocateurs,
hebben op 25 april - de dag dat in 1950 de RMS werd geproclameerd -
RMS-vlaggen gehesen en aan ballonnen laten opstijgen. Dit is gebeurd in een
zeer gespannen situatie waarin de Molukken door de overheid, met het oog op 25 april, tot gesloten gebied voor
buitenstaanders was verklaard. Premans
Op de
achtergrond speelt nog een derde groep een rol, de zo genaamde premans. De
premans, voornamelijk bestaande uit Molukse criminelen, hebben in het
verleden de belangen van de militairen in de gokwereld, prostitutie en
drugswereld beschermd. Tegenwoordig worden ze door het leger ingehuurd en
betaald om onlusten zoals in Maluku aan te wakkeren. Zo hebben ze deelgenomen
aan gewelddadigheden tegen studentenactivisten in 1998. Onlangs hebben
premans het kantoor van de mensenrechtenorganisatie ‘Kontras’ aangevallen,
waardoor belangrijke gegevens over de mogelijke betrokkenheid van militairen
verloren zijn gegaan. Na
sluiting van het vredesakkoord van Malino in februari 2002 hebben zich enkele
incidenten in Maluku voorgedaan. In maart is een bom gegooid naar een
demonstrerende menigte die zich hierdoor niet heeft laten provoceren. Begin
april is een bomaanslag gepleegd vlakbij het kantoor van de gouverneur van
Maluku. Omdat de Molukse bevolking zich niet heeft laten verleiden tot een
gewelddadige reactie, is ook deze aanval op het vredesakkoord mislukt. Het is
vooralsnog niet precies bekend, wie de aanval op Soya eind april heeft
uitgevoerd. Evenmin is het duidelijk, wie precies verantwoordelijk is voor
het hijsen van de RMS-vlaggen op 25 april. Wel staat in ieder geval vast dat
de leider van de Laskar Jihad, Jafar Umar Thalib, rond 25 april, ondanks het
vigerende verbod, naar Maluku heeft kunnen afreizen, waar hij in Ambon een
opruiende speech heeft gehouden. Daarnaast blijkt uit contacten met de
bevolking van Soya dat ze massaal het vredesakkoord van Malino voor Maluku
steunt. Om die reden hebben de inwoners van dit dorp een groot deel van het
wapentuig ingeleverd en op 25 april geen RMS-vlaggen gehesen. Vrede
en verzoening voorop
De aanval op Soya wordt
gepresenteerd als een reactie op uitingen van RMS-separatisme. Veeleer lijkt
echter sprake te zijn van een poging om, met verwijzingen naar Moluks
separatisme, de prille vredesinitiatieven in de regio te ondergraven, en
daarmee de rol van de militairen te verstevigen. Het heeft er alle schijn van
dat de Laskar Jihad, de FKM/RMS en de premans, al dan niet bewust, worden
ingezet om de economische en politieke belangen van het leger veilig te
stellen. Het moge duidelijk zijn dat het leger nog altijd aan de touwtjes
trekt. De militairen dulden geen inbreuk op hun privileges en willen dat
voorkomen door te laten zien dat een civiel bestuur niet in staat is de
eenheidsstaat Indonesië bijeen te houden en de veiligheid van burgers te garanderen. Waar
staat MAREN voor, en welke stappen moeten volgens MAREN worden ondernomen om
te verhinderen dat de tegenstanders van de vrede in Maluku in de kaart worden
gespeeld? MAREN
vindt dat duizenden onschuldige burgers, ongeacht geloofsovertuiging en
etnische afkomst, niet mogen worden opgeofferd aan agenda’s van derden. In
tegenstelling tot de in Nederland verblijvende RMS/FKM-groeperingen, plaatst
het vrede en verzoening boven elke andere agenda. Uitgangspunt is dat de
bevolking in Maluku zelf behoort te kunnen bepalen, op welke wijze en in
welke richting de vrede moet worden gehandhaafd. MAREN heeft dan ook het
volste vertrouwen in de kracht van de hervormingsgezinde en democratische
beweging in Maluku, vertegenwoordigd in de kritische NGO’s, de
studentenbeweging en zelforganisaties. Overwegende
dat: §
de Indonesische regering verantwoordelijk is voor
de handhaving van het vredesakkoord van Malino voor Maluku, §
de internationale gemeenschap de morele plicht heeft
de Indonesische regering aan te spreken op naleving van het vredesakkoord van
Malino - op straffe van sancties,
bijvoorbeeld door de buitenlandse tegoeden van generaal Wiranto, de
familie Suharto en hun handlangers te bevriezen, is MAREN
van oordeel dat de Indonesische regering een transparant actieplan dient op
te stellen voor de wijze waarop het vredesakkoord van Malino wordt nageleefd.
Onafhankelijke, civiele waarnemers, samen te stellen door de
medefinancieringsorganisaties in samenwerking met hun partners, dienen op de
naleving hiervan toezicht te houden. Rotterdam,
mei 2002 Voor
inlichtingen: MAREN Secr.
Zevenkampsering 858 3069 MD
Rotterdam Tel.
010-4561638 Stichting TitanE |